De familie Van Lantschoot in de penningkohieren van Adegem
Grondbezit, pachten, erfopvolging en familiebeheer in de jaren 1585–1593, aangevuld met het grond- en pachtoverzicht van 1585.
Het penningkohier was een jaarlijkse belastinglijst waarin personen werden geregistreerd die op grond, erfpacht, vruchtgebruik of andere goederen een heffing verschuldigd waren. Voor Adegem vormen deze kohieren een uitzonderlijk rijke bron, omdat zij niet alleen bezit en gebruik zichtbaar maken, maar ook opvolging binnen families, beheer door weduwen en overdrachten tussen verwanten.
De rekeningen tonen dat de familie Van Lantschoot aan het einde van de zestiende eeuw sterk in Adegem verankerd was. Verschillende familieleden bezaten eigen hofsteden en landerijen, terwijl zij daarnaast zelf grote oppervlakten van derden pachtten.
Historische context van het penningkohier
De onderzochte periode viel samen met politieke en religieuze onrust in Vlaanderen: de nasleep van de Beeldenstorm, het calvinistische bewind in Gent en de strijd tussen de opstandige gewesten en de Spaanse overheid. Ondanks die onzekerheid bleef de lokale administratie van belastingen en cijnzen grotendeels functioneren.
De geregistreerde bedragen moeten niet zonder meer als de volledige waarde van een goed worden gelezen. Zij waren belastbare aanslagen of cijnzen die rustten op het bezit, vruchtgebruik of de exploitatie ervan.
Simoen Van Lanschoot en zijn nalatenschap
Simoen Van Lanschoot was vóór het begin van de rekeningreeks, dus vóór 1585, overleden. Toch bleef zijn naam in de kohieren aanwezig omdat verschillende goederen nog via zijn erfgenamen of beheerders werden belast.
- Laureijns Van Lanscoot werd belast “over Simoen sijnen vadere”.
- Bertholomeus Lambrecht betaalde over goederen van Simoens weduwe.
- Cornelius de Vuldere werd eveneens belast over de weduwe van Simoen.
- Cornelius Blondeel kan door huwelijk of pacht met deze familiekring verbonden zijn geweest.
Laureijns Van Lanscoot — erfopvolger van Simoen
Laureijns verschijnt gedurende bijna de volledige rekeningreeks. De toevoeging “over Simoen sijnen vadere” bewijst rechtstreeks dat hij een zoon van Simoen was.
| Jaar | Kohier | Folio/pagina | Bedrag | Omschrijving |
|---|---|---|---|---|
| 1585/86 | 34901 | 14/443 | 0-2-0 | over Simoen, zijn vader |
| 1586/87 | 34902 | 15/242 | 0-3-0 | idem |
| 1587/88 | 34903 | 17/535 | 0-3-0 | idem |
| 1588/89 | 34904 | 15/616 | 0-3-0 | idem |
| 1589/90 | 34905 | 20–21/764 | 0-3-0 | idem |
| 1590/91 | 34906 | 9/408 | — | niet vermeld |
| 1591/92 | 34907 | 9/403 | 0-3-0 | idem |
| 1592/93 | 34908 | 17/395 | 0-3-0 | idem |
Daarnaast werd Laureijns jaarlijks voor 0-4-0 aangeslagen “over Adriaen Nombroot”. Dat kan wijzen op een afzonderlijk stuk grond dat hij van Nombroot had overgenomen, geërfd of in gebruik hield.
De huisvrouw van Laureijns Van Lanscoet
Vanaf 1586/87 wordt de echtgenote van Laureijns afzonderlijk belast. Dit is genealogisch belangrijk: zij bezat of gebruikte kennelijk goederen die juridisch onder haar eigen naam of herkomst werden geregistreerd.
| Jaar | Kohier | Folio/pagina | Bedrag | Omschrijving |
|---|---|---|---|---|
| 1586/87 | 34902 | 15/242 | 0-8-0 | over Corijn Jacobszone |
| 1587/88 | 34903 | 17/535 | 0-8-0 | idem |
| 1588/89 | 34904 | 15/616 | 0-8-0 | idem |
| 1589/90 | 34905 | 20–21/764 | 0-8-0 | idem |
| 1590/91 | 34906 | 9/408 | 0-8-0 | idem |
| 1591/92 | 34907 | 9/403 | 0-8-0 | idem |
| 1592/93 | 34908 | 17/395 | 0-8-0 | idem |
Joos en Jan Van Lanschoot — opvolging bij het goed van Adam Dyserick
Van 1585 tot en met 1587 werd Joos Van Lansschout jaarlijks belast voor 0-6-0 over Adam Dyserick. Vanaf 1588 verdwijnt Joos en neemt Jan Van Lanschoot dezelfde post over.
| Jaar | Naam | Bedrag | Omschrijving |
|---|---|---|---|
| 1585/86 | Joos Van Lansschout | 0-6-0 | over Adam Dyserick |
| 1586/87 | Joos Van Lansschout | 0-6-0 | idem |
| 1587/88 | Joos Van Lansschout | 0-6-0 | idem |
| 1588/89 | Jan Van Lanschoot | 0-6-0 | over Adam Dyserick |
| 1589/90 | Jan Van Lanschoot | 0-6-0 | idem |
| 1590/91 | Jan Van Lanschoot | 0-6-0 | idem |
| 1591/92 | Jan Van Lanschoot | 0-6-0 | idem |
| 1592/93 | Jan Van Lanschoot | 0-6-0 | idem |
Pieter Van Lanschoet — twee afzonderlijke lasten
Pieter werd gedurende de volledige periode tweemaal belast:
- 0-2-0 voor een eigen of niet nader omschreven goed.
- 0-3-0 over Lieven Kempe, bij het goed dat als t’sijnghelken wordt aangeduid.
De benaming t’sijnghelken kan betrekking hebben op een klein erf, een huisje of een plaatsnaam. De dubbele registratie toont in elk geval dat Pieter minstens twee afzonderlijke gebruiks- of eigendomsrechten had.
Blondeel, Lambrecht en De Vuldere — pachters of beheerders
| Naam | Periode | Bedrag | Over wie of wat |
|---|---|---|---|
| Cornelius Blondeel | 1585–1593 | 0-2-0 | over Pieter Van Lanschoet |
| Bertholomeus Lambrecht | 1585–1593 | 0-2-0 | over de weduwe van Simoen |
| Cornelius de Vuldere | 1585 en 1587–1593 | 0-1-0 tot 0-2-0 | over de weduwe van Simoen |
Hun precieze juridische verhouding tot de familie blijft onzeker. Zij kunnen als pachters, schuldenaars, uitvoerders, voogden of zaakwaarnemers zijn opgetreden.
Grondbezit in erve — Adegem 1585
Het kohier van 1585 geeft een afzonderlijk overzicht van hofsteden, land, bos en moergrond die rechtstreeks op naam van familieleden stonden.
| Naam | Bezittingen | Taxatie | Penninglast |
|---|---|---|---|
| Simoen Van Lantschoot | Hofstede met 3 gemeten, 2 lijnen en 70 roeden | 25 schellingen | 5 schellingen |
| Lambrecht Van Lantschoot | Helft van een hofstede met 20 gemeten land en bos | 5 pond | 20 schellingen |
| Weduwe Jan Van Lantschoot en kinderen | Hofstede van 10½ gemeten | 10 schellingen 7 groten | 4 schellingen |
| Cornelius Van Lantschoot | Hofstede met 3 gemeten | 24 schellingen | 3 schellingen, 9 groten en 14 penningen |
| Adriaan Van Lantschoot | Hofstede met 5 gemeten moersch | 8 schellingen 4 groten | 20 schellingen |
| Passchier Van Lantschoot | Hofstede met 34 gemeten land en meers | 8 pond 10 schellingen | 34 schellingen |
| Pieter Van Lantschoot | Hofstede met 10 gemeten, 2 lijnen land en bosveld | 2 pond 14 schellingen | 14 schellingen |
| Jan Van Lantschoot | 18 gemeten en 1 lijn land, plus 10½ gemeten bosland | 7 pond 10 schellingen | 30 schellingen |
Gronden in pacht — exploitatie door familieleden
Lambrecht Van Lantschoot
Lambrecht pachtte gronden van meerdere eigenaars, waaronder Jan Danckaert, de kinderen van Roeland De Zuttere, Joris Vincke, Jan Veltganck, de erfgenamen van Matthijs, Nijssens en Adriaen Staelens en Jan de Swaef.
Totale pachtwaarde: 12 pond 2 schellingen.
Jaarlijkse penninglast: 2 schellingen, 8 groten en 4 penningen.
Passchier Van Lantschoot
Passchier had een bijzonder gespreid pachtbedrijf. Hij huurde van Adriaen Dyserinck, Claeijs van den Paradijs, de erfgenamen van de weduwe van Jan Vander Meulene, Simoen Van Lantschoot, Cornelius Van Lantschoot, Pieter Schrevelijnck, Pieter Lambrecht en Lambrecht Van Lantschoot.
Totale pachtwaarde: 8 pond 19 schellingen 6 groten.
Penninglast: 0-35-10-18.
Jan Van Lantschoot
Jan pachtte gronden van onder anderen Robert Tijlque, Franchois de Clerck, Maerck Van Wambeke, de weduwe van Pieter Houck, de kinderen van Jan De Bree, de weduwe van Geralt Soetaert, Roeland Lambrecht, Pieter Schrevelijnck, Gillis de Swaef, Pieter Maes, de erfgenamen van Willem De Roovere en Jan Veltganck.
Totale pachtwaarde: 3 pond 5 schellingen 5 groten.
De afzonderlijke penninglasten liepen op tot ongeveer 13 schellingen en 1 groot.
Cornelius Van Lantschoot
Cornelius pachtte onder meer van Passchier van Wulpen, Jan van Steenberghe, de kinderen van Joris de Ketelaere, Jan van Hoorebeke en Cornelis de Bree.
Totale pachtwaarde: meer dan 2 pond 19 schellingen.
Samenvatting van personen en verbanden
| Naam | Periode | Registratie | Waarschijnlijke betekenis |
|---|---|---|---|
| Laureijns Van Lanscoot | 1585–1593 | over Simoen, zijn vader | rechtstreekse erfopvolging |
| Huisvrouw van Laureijns | 1586–1593 | over Corijn Jacobszone | eigen of aangebracht goed |
| Joos Van Lansschout | 1585–1587 | over Adam Dyserick | eerste gebruiker of belastingplichtige |
| Jan Van Lanschoot | 1588–1593 | over Adam Dyserick | opvolger van Joos |
| Pieter Van Lanschoet | 1585–1593 | eigen goed en over Lieven Kempe | meerdere percelen of rechten |
| Cornelius Blondeel | 1585–1593 | over Pieter Van Lanschoet | mogelijk pachter of verwant |
| Bertholomeus Lambrecht | 1585–1593 | over weduwe Simoen | beheerder of pachter |
| Cornelius de Vuldere | 1585–1593 | over weduwe Simoen | mede-beheerder of pachter |
Volledig bronnenoverzicht
- Stadsrekening Gent 34901 — 1585/86 — fol. 14/443
- Stadsrekening Gent 34902 — 1586/87 — fol. 15/242
- Stadsrekening Gent 34903 — 1587/88 — fol. 17/535
- Stadsrekening Gent 34904 — 1588/89 — fol. 15/616
- Stadsrekening Gent 34905 — 1589/90 — fol. 20–21/764
- Stadsrekening Gent 34906 — 1590/91 — fol. 9/408
- Stadsrekening Gent 34907 — 1591/92 — fol. 9/403
- Stadsrekening Gent 34908 — 1592/93 — fol. 17/395
Genealogische en historische conclusies
De penningkohieren tonen een familie die in vrijwel alle lagen van de lokale grondexploitatie aanwezig was. Sommige leden bezaten aanzienlijke hofsteden, anderen pachtten verspreide percelen van meerdere eigenaars, en verschillende familieleden traden onderling als verhuurder en huurder op.
Simoen Van Lanschoot verschijnt als een oudere centrale figuur. Zijn zoon Laureijns zette een deel van het bezit voort, terwijl de goederen van Simoens weduwe via derden werden beheerd. Daarnaast maken Passchier, Lambrecht, Pieter, Jan, Cornelius en Adriaan duidelijk dat er in Adegem meerdere gelijktijdige gezins- of familietakken actief waren.
De economische kracht van deze familie lag niet alleen in rechtstreeks grondbezit. Minstens even belangrijk was hun rol als pachters en exploitanten van land dat eigendom was van andere plaatselijke families en instellingen.
English
Español
Français