WEESREGISTER · BRUGGE EN HET BRUGSE VRIJE · 1643–1662
Petronelle van de Velde
Minderjarige erfgename van een omvangrijk patrimonium van huizen, hofsteden, gronden, bossen, meersen, renten, schuldvorderingen en lopende processen. Het dossier volgt haar moederlijke en vaderlijke erfenis, een schenking, de nalatenschap van haar tante en ten slotte die van haar grootmoeder Magdalena de Clerck.
Kern van het dossier
De registratie bestaat niet uit één enkele nalatenschap, maar uit een reeks opeenvolgende vermogensovergangen. Petronelle van de Velde erfde eerst van haar moeder, daarna van haar vader, vervolgens uit de goederen van Catherine van Blomminghem, door schenking van haar tante Petronelle Lantsocht, uit de nalatenschap van diezelfde tante en ten slotte uit het sterfhuis van haar grootmoeder Magdalena de Clerck.
Moederlijke successie
Vanaf 1643 bezat Petronelle contant geld en aandelen in een groot aantal huizen, hofsteden, landen, bossen en renten, aanvankelijk gemeenschappelijk met haar vader.
Vaderlijke successie
Na het overlijden van Jan van de Velde werd zij volledig gerechtigd in de goederen die zij voordien met hem gemeen had.
Zes erfstaken
In 1662 trad Petronelle bij plaatsvervulling in de rechten van haar overleden moeder en ontving zij één zesde van de nalatenschap van Magdalena de Clerck.
Familieverband
De zesdeling bewijst dat Petronelle van de Velde niet als een bijkomend kleinkind naast de kinderen van Magdalena erfde. Zij nam juridisch de plaats in van haar overleden moeder Petronelle Lantsocht en ontving daardoor de volledige zesde erfstak van haar moeder.
Chronologisch overzicht
| Datum | Gebeurtenis | Belangrijkste gevolg |
|---|---|---|
| 6 juni 1643 | Franchois Caneel en Anthonie van Landsocht worden voogden. | Opening van de registratie voor de minderjarige Petronelle. |
| 12 januari 1644 | Vereffening van de moederlijke successie. | 47 £ 3 s. 9 gr. en verdere goederen. |
| 6 februari 1644 | Registratie van lasten en beheer. | Het contante erfdeel blijft onder bewaring van de bezitter. |
| 7 maart 1645 | Charles Landsocht vervangt Anthonie als voogd. | Charles treedt op naast Franchois Caneel. |
| 5–8 augustus 1645 | Vereffening vaderlijke successie. | 343 £ 18 s. 9 gr. 12 mijten en volle rechten in vroegere gemeenschappelijke goederen. |
| 31 augustus 1645 | Registratie van schenking door Petronelle Landsocht. | Land bij Moerbrugge, met voorbehoud van levenslang vruchtgebruik. |
| 11–18 oktober 1646 | Nalatenschap van tante Petronelle Landsocht. | Contant aandeel en een zesde in gemeenschappelijke goederen. |
| 22 oktober / 18 december 1662 | Nalatenschap van Magdalena de Clerck. | Petronelle ontvangt één zesde bij plaatsvervulling. |
Belangrijkste goederen
| Goed | Plaats | Omvang of aandeel | Bijzonderheid |
|---|---|---|---|
| Huis Naaldenstraat | Brugge | Aanvankelijk gemeen met vader | Belast met 50 schellingen groten losrente. |
| Huis Waalsestraat | Brugge | Aandeel in de helft | Meerdere jaarlijkse cijnzen en renten. |
| Twee stenen kamers | Stuivenberg, Brugge | Twee middelste van vier | Belast met 10 schellingen groten per jaar. |
| Hofstede | Vlissegem | 62 gemeten 54/64 roeden | Proostland, grondrenten, kerk- en disrenten. |
| Vervallen hofstede | Nieuwenhove, Oostkamp | 11 gemeten 2 lijnen 74 roeden | In de nalatenschap van Magdalena de Clerck. |
| Land en bos | Kortemark | ca. 18 gemeten; aandeel 1/4 | Belast en eerder onderwerp van proces. |
| Schierscampvelt | Waardamme | 63 bunders met zes vijvers; aandeel 1/4 | Belast volgens rentebrief van Pieter Masieve. |
| Den Noortbilck | Nieuwenhove, Oostkamp | 7 gemeten 28 roeden | Land en meers van het Gruuthusegoed. |
| Het Naeldeken | Oostkamp | 75 roeden bos | Komt meermaals in het dossier voor. |
Volledige hertaling per deel
De volledige inhoud is hieronder verdeeld in inklapbare onderdelen. Klik op een titel om het betreffende deel te openen.
Deel 1 — Voogden en moederlijke successie, 1643–1644
Benoeming van de voogden
Franchois Caneel en Anthonie van Landsocht, beiden poorters van Brugge, legden op 6 juni 1643 de eed af als voogden van Petronelle, het minderjarige kind van Jan van de Velde en Petronelle, dochter van meester Charles Landsocht.
Contant erfdeel
De voogden brachten als moederlijke successie 47 pond, 3 schellingen, 9 groten en 6 stuivers over. Dit was haar helft in het netto-overschot van het sterfhuis. De staat werd op 12 januari 1644 vereffend en ondertekend door A. van de Velde.
Goederen gemeenschappelijk met haar vader
Petronelle bleef samen met Jan van de Velde gerechtigd in een huis met grond aan de zuidzijde van de Naaldenstraat te Brugge, ongeveer acht gemeten land in Beernem, acht lijnen en 46 roeden land aldaar, één lijn en 76 roeden in Snaaskerke, één lijn en 18 roeden in Lissewege en 68 roeden bos op Nieuwenhove te Oostkamp.
Verdere aandelen
Zij bezat daarnaast een zesde aandeel in een huis in de Waalsestraat, twee kamers op Stuivenberg, een hofstede met ruim 62 gemeten te Vlissegem en talrijke landen, bossen en meersen in Oostkamp, Beernem, Nieuwenhove, Kortemark en omgeving. Ook waren er renten, landmetersboeken, schuldvorderingen en processen voor de Raad van Vlaanderen.
Lasten
Het erfdeel droeg mee in twee processen, een lijfrente van 3 pond groten, rekeningen met de graaf van Ursel en een schuld van 6 pond en 6 schellingen aan Philips van Ursel. Het geld bleef voorlopig bij de bezitter onder verplicht beheer.
Deel 2 — Vervanging van de voogd en vaderlijke successie, 1645
Meester Charles Landsocht legde de eed af als voogd in de plaats van Anthonie van Landsocht en trad voortaan op naast Frans Caneel.
De vaderlijke successie bedroeg in contanten 343 pond, 18 schellingen, 9 groten en 12 mijten. Daarin was ook opgenomen wat Petronelle nog uit de moederlijke nalatenschap moest ontvangen. Na het overlijden van haar vader werd zij volledig gerechtigd in de huizen, landen, bossen, meersen, renten en rechtsvorderingen die zij voordien samen met hem had bezeten.
Zij ontving bovendien een zesde deel uit de nalatenschap van Catherine van Blomminghem, weduwe van Lucas van de Velde. Verder werden aandelen vermeld in huizen in de Eekhoutstraat, te Scheepsdale, aan het Kleine Smedestraatje, in de Sint-Janstraat en aan het Pluimstraatje. Deze rechten waren deels afkomstig uit een schenking onder levenden van Margaretha van de Velde.
Ook worden land, renten op huizen aan de Spiegelrei en bij de Sint-Jansbrug, een vierde in een Brugse lijfrente, openstaande schulden, pachten en rechten uit het sterfhuis van Joos de Vonck genoemd.
Deel 3 — Schenking van land bij Moerbrugge, 1645
Jonkvrouw Petronelle Landsocht schonk aan het weeskind één gemet en 25 roeden land volgens de nieuwe maat, ongeveer vier lijnen volgens de oude maat. Het perceel lag op de heerlijkheid van de Walschen in Oostkamp, over de Leie, ten noordoosten van Moerbrugge.
De schenkster behield gedurende haar leven het gebruik en alle inkomsten. Het ging dus om een schenking van de blote eigendom met voorbehoud van levenslang vruchtgebruik. De erfbrief was op 15 maart 1642 verleden voor de wet van de Walschen in Beernem en werd op 31 augustus 1645 in de weesstaat opgenomen.
Deel 4 — Nalatenschap van tante Petronelle Landsocht, 1646
Na het overlijden van haar tante aan moederszijde, Petronelle Landsocht, ontving Petronelle van de Velde 3 pond, 19 schellingen, 9 groten en 20 mijten. Dit was een achtste deel van een bedrag van 31 pond, 8 schellingen, 7 groten en 16 mijten, dat zelf één derde vormde van het netto-overschot van het sterfhuis.
Voor de huizen, landen, renten, schuldvorderingen en achterstallige pachten bleef zij gemeenschappelijk gerechtigd met de vijf kinderen van Cornelius van der Plancke en Isabeau Lantsocht. Samen vormden zij zes gerechtigden, zodat ieder een zesde aandeel bezat.
Deel 5 — Grootmoeder Magdalena de Clerck: zes erfstaken, 1662
Bij het overlijden van Magdalena de Clerck, weduwe van meester Charles Lantsocht, werd haar nalatenschap in zes gelijke delen verdeeld. Petronelle van de Velde erfde één zesde bij plaatsvervulling van haar overleden moeder. De overige vijf zesde delen gingen naar Charles de Jonge, Jan, Sara, Michiel en Christiaen Lantsocht.
De staat werd vereffend voor de weeschepenen van het Land van het Vrije op 22 oktober 1662 en was ondertekend door meester Audejans.
Deel 6 — Huizen en hofsteden uit de nalatenschap van Magdalena de Clerck
Brugge
De erfgenamen bezaten de helft van een huis aan de zuidzijde van de Waalsestraat. Het was belast met 31 schellingen en 8 penningen groten landcijns, 20 schellingen groten en nog 20 schellingen en 8 groten per jaar voor de kapelanij van Sint-Gillis. Verder waren er twee stenen kamers, de middelste van vier, op Stuivenberg.
Vlissegem
De helft van een hofstede van 62 gemeten en 54 roeden. Daarvan waren 11 gemeten en 2 lijnen proostland. Op de hofstede rustten grondrenten, kerk- en disrenten en enkele leveringen in natura waarvan de transcriptie nog niet volledig zeker is.
Nieuwenhove en Moerbrugge
De helft van een vervallen hofstedetje van 11 gemeten, 2 lijnen en 74 roeden op Nieuwenhove en de helft van een hofstedetje bij Moerbrugge met vier lijnen land.
Deel 7 — Landen, bossen, meersen en het Schierscampvelt
De goederen omvatten onder meer een vierde van ongeveer 18 gemeten land en bos in Kortemark, de helft van zes gemeten land en meers bij de Leie, de helft van vier en een halve gemeten meers in de Wulke Broekmeers, bos bij de wal van Gruuthuse, een gemet land bij de molen van Beernem, vier lijnen bos en meers genaamd Den Noortelic, twee lijnen gerooid bos en 75 roeden bos genaamd Het Naeldeken.
Bijzonder omvangrijk was het Schierscampvelt in Waardamme: 63 bunders veld met zes vijvers, waarvan de nalatenschap een vierde bezat. Het geheel was belast met 10 schellingen en 6 groten per jaar volgens de brief van Pieter Masieve.
Ook wordt de helft genoemd van 7 gemeten en 28 roeden land en meers, genaamd Den Noortbilck, bij Nieuwenhove in Oostkamp.
Deel 8 — Renten en financiële rechten
| Rente | Ten laste van | Voorwaarde |
|---|---|---|
| 2 £ 13 s. 9 gr. per jaar | Impost van het kwartier Brugge | Publieke inkomsten. |
| 2 £ per jaar | Stad Brugge | Penning 18. |
| 2 £ per jaar | Heren van Marquilly | Penning 16. |
| 1/20 van 8 £ per jaar | Vier Leden, kwartier Brugge | Moederlijke kavel. |
| 1/20 van de helft van 4 £ | Stad en kasselrij Kassel | Penning 16. |
| 1/20 van 4 £ | Vier Leden van het Vrije | Vaderlijke kavel. |
Deel 9 — Zeer kleine erfelijke aandelen
Magdalena de Clerck bezat in sommige oudere nalatenschappen slechts zeer kleine breukdelen. Daardoor erfde Petronelle uiteindelijk minieme aandelen:
- 1/240 van een hofstede van 54 gemeten in Ettelgem;
- 1/1.920 van twee vervallen hofsteden van samen 124 gemeten, 1 lijn en 73 roeden in Zandvoorde;
- waarschijnlijk 1/1.920 van een perceel meers van 4 gemeten, 1 lijn en 25 roeden in Maldegem;
- 1/480 van gezamenlijke liquide vorderingen uit het sterfhuis van meester Jan Jacobs.
De ingewikkelde breuken tonen hoe onverdeelde familiegoederen gedurende verschillende generaties verder werden opgesplitst zonder dat elk goed fysiek werd verdeeld.
Deel 10 — Betwiste successie van Anna van Houtte en slotverevening
De staat vermeldt ook een ingewikkeld aandeel in de nalatenschap van jonkvrouw Anna van Houtte, geprofeste religieuze in het klooster van Sint-Joris te Gent. Over deze successie liep nog een onbeslist proces. De exacte breuk kan pas na controle van het originele handschrift met zekerheid worden vastgesteld.
Bij de uiteindelijke vereffening bleek aan Petronelle te veel te zijn toegewezen. Zij werd daarom belast met 90 pond, 7 schellingen en 11 groten. Dit was geen gewone lening, maar een opleg om de zes erfstaken onderling gelijk te maken.
De erfgenamen bleven daarnaast gezamenlijk belast met achterstallige pachten en andere lasten. De laatste zin van het bewaarde fragment loopt verder op de volgende bladzijde.
Verklaring van enkele termen
| Term | Betekenis |
|---|---|
| Successie | Nalatenschap of erfenis. |
| Weze / wees | Minderjarig kind onder toezicht van voogden en de weeskamer. |
| Gemeen en onverdeeld | Meerdere erfgenamen bezitten samen aandelen zonder fysieke verdeling van het goed. |
| Bij plaatsvervulling | Een afstammeling neemt in de erfenis de plaats in van een eerder overleden ouder. |
| Losrente / penning 16 of 18 | Jaarlijkse rente die kon worden afgekocht met respectievelijk zestien- of achttienmaal het jaarbedrag. |
| Bijleving | Levenslang gebruik of vruchtgebruik van een goed. |
| Opleg bij vereffening | Bedrag dat een erfgenaam moet betalen wanneer hij goederen boven de waarde van zijn erfdeel kreeg. |
Genealogische betekenis
Het dossier documenteert de overgang van een aanzienlijk Lantsocht-patrimonium naar Petronelle van de Velde. Het bevestigt niet alleen haar ouders en grootouders, maar noemt ook vijf nog levende kinderen van Charles Lantsocht en Magdalena de Clerck. Vooral de herhaalde formulering “een seste part” en “in gelijcke seste” is doorslaggevend voor de reconstructie van de zes erfstaken.
De akte laat bovendien zien hoe familiebezit over meerdere generaties steeds verder werd opgesplitst. Naast grote aandelen in hofsteden en huizen komen daardoor breuken voor tot 1/1.920 van een volledig goed.
Bron: SAB, Weesregister Sint-Niklaas 11, folio 100 en volgende — staat van goed van Petronelle van de Velde, 1643–1662.
Opmerking: de aansluitende vervolgbladzijden, waaronder de nalatenschap van Magdalena de Clerck uit 1662, zijn in deze pagina verwerkt. Enkele moeilijk leesbare woorden, lasten en breuken blijven voorzichtig en onder voorbehoud weergegeven.

English
Español
Français