Van Landschoot

800 jaar familiegeschiedenis

Magdalena van Landschoot

Staat van Mayekin, jongste kind van Pieter Blondeel en Magdalena van Landschoot, weduwe van Cornelius van Schoonacker en dochter van Symoen van Landtschoot — Eeklo, 15 januari 1559.

📍 Eeklo 📜 Staat van Goed 🗓️ 15 januari 1559 ⚖️ Voogdij 👤 Magdalena van Landschoot 👤 Pieter Blondeel 👤 Cornelius van Schoonacker 🌊 Lieve 🍺 Brouwerij 📖 Scan

Dossier Magdalena van Landschoot

Deze akte betreft Mayekin, het jongste kind van Pieter Blondeel Janssoone, geboren uit zijn huwelijk met Magdaleene van Landschoot. De moeder wordt daarbij uitdrukkelijk omschreven als weduwe van Cornelius van Schoonacker en als dochter van Symoen van Landtschoot. Die formulering maakt deze bron genealogisch bijzonder waardevol, omdat zij meerdere familieverbindingen in één korte akte samenbrengt.

Belangrijke akte voor Van Landschoot en Van Schoonacker

Deze bron is bijzonder interessant omdat zij aantoont dat het jongste kind van Pieter Blondeel en Magdalena van Landschoot nog mee erft uit de oudere familiekring van Cornelius van Schoonacker. Daardoor komen in deze ene akte de families Van Landschoot, Van Schoonacker en Blondeel rechtstreeks samen.

Op vijftien januari vijftienhonderd negenenvijftig wordt de staat overgebracht van Mayekin, het jongste kind van Pieter Blondeel Janssoone, dat hij had bij Magdaleene van Landschoot. De voogden zijn Pieter Blondeel, de vader zelf, en Corneel Blondeel.

Het kind is volgens de akte gesuccedeerd bij het overlijden van Susannakin, haar alfve zuster. Daaruit verkrijgt zij eerst het zestigste deel in een brouwerij, staande te Raverschoot aan de Lieve. Dat aandeel is niet afzonderlijk, maar gemeen met Pieter Blondeel, haar vader, en met de jongste kinderen van de voornoemde Cornelius van Schoonacker.

Vervolgens krijgt zij ook het honderdtwintigste deel in een behuusde hofstede, waar haar vader Pieter Blondeel op dat ogenblik woont. Deze hofstede is ongeveer één gemet groot, met huis en bomen daarop staande, en blijft eveneens gemeen zoals hiervoor omschreven.

Nog wordt vermeld één gemet en vijfenzeventig roeden land, wat minder of meer, gelegen bij ’t Verheijlehadt, opnieuw gemeen en onverdeeld als tevoren. Zo toont de akte dat het kind niet enkel een geldsom of een symbolisch aandeel erft, maar ook kleine delen in een economisch samenhangend geheel van brouwerij, hofstede en land.

Ten slotte wordt voor avelic en catheylic goed, boven alle commeren te gelde gemaakt, nog de som vastgesteld van zesendertig schellingen groten, rustende onder de vader. Zoals in vele andere Eeklose weesakten blijft het geld dus voorlopig onder de langstlevende ouder of beheerder, terwijl de rechten van het kind in het boek worden vastgelegd.

Transcriptie (originele tekst)
Staet van Mayekin t'Jongste kindt Pieter Blondeel Janssoone/ die hij hadde bij Magdaleene (Van Landschoot) de weduwe van Cornelius van Schoonacker filia Symoen van Landtschoot/. Voochden Pieter Blondeel Janssoone vadre en Corneel Blondeel)./. Eerst es de voorn(oemde) kinde ghesuccedeert bijde overlijden van Susannakin zijne alfve zuster/ tzestichste deel in een Brauwerije/ staen te Raverschoot ande Lieve/ ghemeene met Pieter Blondeel zijn vadre ende joncste kinder van voorn(oemde) Cornelius van Schoonacker./. Noch van t'hondert 20ste deel/ een deel inde behuusde hofstede daer Pieter Blondeel huerl(ieder) vadre nu inne woondt/ groot een ghemet ofte d(aeron)trent/ metten huus en boomen d(aer)up staen/ ghemeene alsvoorne./. Noch een ghemet 75 roeden landts/ lettel min ofte meer/ ligghen bij t’Verheijlehadt/ ghemeene en onverdeelt alsvooren./. Noch voor avelic en catheylic goedt/ boven alle commeren te ghelde ghemaect/ de some van 36 schillingen grooten/ rusten onder de vadre./. Overbracht bij Pieter Blondeel Janssoone vadre en Cornelius Blondeel/ 15 january 1559./.

Historische duiding

Deze akte is bijzonder belangrijk omdat zij in enkele regels een hele familiegeschiedenis samenvat. Magdalena van Landschoot verschijnt hier niet alleen als moeder van het kind, maar tegelijk ook als weduwe van Cornelius van Schoonacker en als dochter van Symoen van Landtschoot. Zulke expliciete aanduidingen zijn voor genealogisch onderzoek van groot gewicht.

Ook inhoudelijk is de bron merkwaardig. De erfenis bestaat niet uit een zelfstandig goed, maar uit kleine fracties in een brouwerij te Raverschoot aan de Lieve, een hofstede en land. Dat wijst op een bezit dat door opeenvolgende overlijdens en familiedelingen steeds verder in aandelen werd opgedeeld, terwijl het economisch gebruik wellicht grotendeels in dezelfde familiekring bleef.

De vermelding van de brouwerij aan de Lieve geeft deze akte bovendien een mooie topografische en economische waarde. Het gaat hier duidelijk niet om louter landbouwgrond, maar om een goed dat ook verbonden was met productie en mogelijk transport langs de waterweg. Daardoor vormt deze bron een interessante schakel tussen familiegeschiedenis en lokale economie.

Opmerking

Deze akte verdient bijzondere aandacht omdat zij Magdalena van Landschoot uitdrukkelijk noemt als dochter van Symoen van Landtschoot. Samen met haar eerdere huwelijk met Cornelius van Schoonacker en haar latere huwelijk met Pieter Blondeel maakt dit haar tot een belangrijke verbindingsfiguur tussen meerdere families in de streek van Raverschoot en Eeklo.

Scan

Weesakte Eeklo van 15 januari 1559 betreffende Magdalena van Landschoot
SAE — Staet van Goed — inv. nr. 1009 — folio 840 — 15 januari 1559

Bron: SAE, Staet van Goed, inv. nr. 1009, folio 840, 15 januari 1559.